‘Heb jij eigenlijk het gevoel dat ik 25 jaar jonger ben dan jij?’ Ik pak de rosé uit de koeler om bij te schenken.

Ze schuift haar glas naar me toe. ‘Nee joh, jij wel? Zit jij hier met een ouwe taart te borrelen?’

Ik knik van niet. En ik méén het.

Het is woensdagavond en ik zit met D. in de achtertuin

Volgens de Meetlat der Vriendschapsduren kennen we elkaar nog maar kort. In 2011 ontmoette ik haar op een schrijfcursus. Daarna bleven we aan elkaar haken.

Onze gesprekken lijken op diepzeeduiken. Wetsuit aantrekken, zuurstofflessen omhangen en afzakken maar. We hebben geen loodgordel nodig, want we gaan vanzelf de diepte in.

We praten over de man die zij verloor en over de man met wie ze haar leven wil delen.
We praten over het verschil tussen knap zijn en mooi zijn.
We praten zelfs over wat er tussen de lakens – al dan niet – gebeurt.

Ons leeftijdsverschil is geen issue. We zijn precies wat we nodig hebben.

Met zulke vriendinnen ben je rijker dan de sjeik van Dubai

Met het laatste bodempje rosé in zicht hebben we het over de contacten die je in je leven opdoet en loslaat. Hoe komt het dat je met de ene persoon direct klikt en met de ander niet? Hoe deal je met mensen die koel aan beginnen te voelen?

‘Het voelt alsof ik jou laat vallen nu ik de opdracht niet voortzet,’

zeg ik voorzichtig.

‘Dat doe je ook’, hoor ik aan de andere kant van de lijn.

Slik.

Vorige week voerden een van mijn klanten en ik een goed gesprek. We schuiven onze samenwerking op tot nader bericht.

Op de Meetlat der Klantrelaties scoren we een dikke 8. Hij schrijft een flinke lap tekst, ik laat mijn rode pen erop los en we houden ons netjes aan de strakke deadlines.

Hij is tevreden, maar bij mij wringt er iets. Zijn stukken worden niet beter. Ze zijn niet goed genoeg om te publiceren.

Ik benoem het pijnpunt. ‘Jij hebt geen tekstschrijver nodig in dit stadium, maar iemand die meekijkt met de inhoud.’

Hij herkent het. ‘Je hebt gelijk. Ik ben nog aan het zoeken naar de materie. Dat maakt het schrijfproces veel te zwabberig. Het is goed dat we even pauzeren na deze eerste ronde.’

Op de valreep vertelt hij dat hij meer van me geleerd heeft dan dat hij vooraf had kunnen bedenken. Pfffjieuw. 

20 jaar geleden had ik buikpijn gehad van zo’n gesprek,

én een schuldgevoel én imago-angst én een ego-beschadiging.

Toen moest ik dit nog leren: je bent geen multivitamine. Je kunt niet in ieders behoefte voorzien.

Hoe ouder ik word, hoe beter ik kan uitleggen wat Vitamine i-d-a doet, waar het goed voor is en welke problemen je krijgt bij een tekort.

Of bij een overdosis.

In 2005 liep topschaatser Sven Kramer een zenuwbeschadiging op door een teveel aan vitamine B6

Volgens medisch specialisten van ziekenhuis Gelderse Vallei gebruikte hij te veel vitamine B6. De zogeheten B6-intoxicatie was een van de kwalen die de allrounder een winter lang het schaatsen belette. Kramer slikte hoge doseringen van het supplement. (Bron.)

Op de website van het Voedingscentrum lees ik dat je B6 nodig hebt voor de opbouw van eiwitten. Goed spul dus. Een teveel leidt tot perifere neuropathie, een aandoening aan het zenuwstelsel waardoor gevoelloosheid, tintelingen of ernstige zenuwpijn in de handen en voeten kan ontstaan.

Sven slikte een vitamine die hij niet nodig had, in een te hoge dosis en gedurende een te lange tijd. Zijn problemen zeggen niks over de vitamine B6 an sich.

Zo wil ik ook kijken naar de mensen in mijn leven

Geliefden, familie, klanten, buren, vrienden, docenten: ze zijn mijn vitamines. En ik ben hopelijk de hunne. Slechte vitamines bestaan niet. Goede combinaties en de juiste dosering wel.

Het is een heel andere manier van kijken. Milder. Het is soms even slikken, maar iedereen wordt er beter van.

 


 

4 thoughts on “Waarom ik een opdracht teruggaf (en wat dat met vitamines van doen heeft)

  • Avatar
    8 juni 2018 om 14:19
    Permalink

    Behoedzaam loslaten is ook liefdevol.

    Misschien kan je formuleren onder welke voorwaarden je kan werken. “Niet voor uitvinders en vage geesten. Want die moeten hun eigen werk eerst nog doen?”

    Maar jouw rode pen is feedback die diezelfde uitvinder op allerlei manieren kan gebruiken. Hadden jullie hetzelfde doel voor ogen? Misschien ben je geëvolueerd van tekstschrijver naar ontwikkelcoach met taal als middel in plaats van doel.

    Beantwoorden
    • Ida
      8 juni 2018 om 18:18
      Permalink

      Mooi gezegd Petra. Behoedzaam uitzwaaien bij de voordeur, en vertellen waar de sleutel ligt. Enneh: uitvinders en vage geesten zijn van harte welkom – met een uitgedacht product. 🙂

      Beantwoorden
  • Avatar
    7 augustus 2018 om 13:42
    Permalink

    Wát een schrijven..én idd; de goeisten in metaforen:))
    Prachtig Ida!

    Beantwoorden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.